Categorie archief: hoger beroep

Een vleesgeworden nachtmerrie

De 20-jarige Moussa B. heeft ieders diepste angsten waargemaakt.  Hij overviel samen met een vriend een vrouw in haar woning. Ze bonden een vrouw in de woning vast. Ze doorzochten urenlang de woning. Ze namen geld mee. Ze gingen weg. Daarna kwam B. terug en hij verkrachtte de vastgebonden vrouw. Het Gerechtshof in Arnhem veroordeelde B. tot zeven jaar cel.

Een jaar geleden eiste een kwade officier in Utrecht twaalf jaar cel, voor de de overval, de verkrachting en nog een overval op een woning. De rechtbank in Utrecht legde acht jaar op. Want de rechtbank schrapte  de tweede overval. Er was weliswaar  dna gevonden, maar maar de weinig plausibele verklaring van de verdachte was niet honderd procent weerlegd, omdat er geen ander bewijs was.

Moussa B. en de officier gingen allebei in hoger beroep. Het Openbaar Ministerie zag in de tweede ronde in dat er geen bewijs was voor de tweede overval, maar het OM eiste toch negen jaar. Het gerechtshof vond het ook walgelijk wat B. had uitgehaald maar het hof legde toch een lagere straf op omdat B. nog zo jong is.

De tweede ronde: OM vs Nieuwegeinse doodrijder

De tweede ronde is een rubriek waarin de uitkomst van een hoger beroep tegen het licht wordt gehouden.

Een 19-jarige Utrechter reed in Nieuwegein met ongeveer 65 per uur door rood en hij reed daarbij een 71-jarige fietser omver. De fietser lag een week in coma en overleed. Zoals altijd bij ernstige verkeersongelukken volgde een emotionele rechtszitting.  Poging tot doodslag was niet bewezen, toch eiste de officier in Utrecht in april drieënhalf jaar gevangenisstraf.

De rechtbank legde vijftien maanden op waarvan vijf voorwaardelijk. De drie rechters kwamen tot die lagere straf omdat zij het met de advocaat eens was dat de jonge bestuurder  niet overdreven hard had gereden. Advocaat Joost-Joris van Doleweerd en zijn client waren tevreden met de uitspraak. Maar de familie van het slachtoffer vond de straf veel te laag.  De officier ging in hoger beroep.

De rechtbank was hem een eind gevolgd en daarom wilde de officier een hogere straf. De verdachte was intussen vrijgekomen. Maar het Openbaar Ministerie eiste in de tweede ronde dertig maanden waarvan tien voorwaardelijk. De verdachte zou terug moeten naar de cel. Dat was heel spannend, vertelt zijn  advocaat. Maar ook bij het Gerechtshof gaat het Openbaar Ministerie onderuit. Deze rechters  geven hun Utrechtse collega’s en de advocaat bijna helemaal gelijk.

Dit beroep bleek een nutteloos uitstapje naar Arnhem. Maar dit juridisch gevecht trok  nog wel een keer alle open zenuwen bij de familie van het slachtoffer.

Jurgen Swart